Utrechtse moeders opgeleid tot schaakdocent

Meestal slaat de term ‘schaakmoeder’ op de moeder van een jeugdschaker. In de Utrechtse wijk Kanaleneiland heeft het woord sinds kort een andere betekenis: een moeder die zelf heeft leren schaken. In de Utrechtse wijk Kanaleneiland zijn afgelopen week de eerste schaakmoeders geslaagd voor het Stap 1-diploma.

Fatima Oudrib, Mahjouba Mahdad en Essafia Hajji zijn zo enthousiast geworden voor het schaken, dat ze dóór willen. En dóór betekent: zelf ook schaakdocent worden. ‘Het examen was pittig,’ vertelt Mahdad, ‘maar gelukkig lukte het me om rustig te blijven.’ De moeders leerden schaken van schaakdocent Anne-Marie Benschop. ‘Ik ben trots op deze dames,’ zegt Benschop. ‘Ze hebben hard gewerkt om dit te bereiken, het zijn doorzetters. Ze zijn een inspiratie voor anderen.’

Schaken is bezig aan een opmars in Kanaleneiland, dat bekendstaat als een moeilijke wijk met veel sociale problemen. In 2016 begon Benschop met haar schaaklessen op basisschool Het Schateiland. Verschillende basisscholen hebben het voorbeeld van Het Schateiland gevolgd en het schaken bij hun leerlingen geïntroduceerd. Het opleiden van schaakdocenten in de wijk moet de continuïteit vergroten.

Benschop ziet schaken niet zozeer als doel, maar vooral als middel. In dit geval: als middel tot verbinding van de generaties in de wijk:

‘Samen met Bas van Esch van Samen Schaken leid ik de moeders, een vader en enkele jongeren uit de wijk op tot schaakdocent. Daarna kunnen ze zelfstandig les gaan geven op scholen.’

Binnenkort kan dat ook op de jeugdschaakclub die in de wijk wordt opgericht. De club zal een plek krijgen op het FDC Centre. Dat is de sportschool van twee vechtsportdocenten die betrokken zijn bij activiteiten van Make Your Move, een project dat schaken met vechtsport verbindt. De schaakclub is bedoeld voor kinderen uit Kanaleneiland en zal worden gerund door wijkbewoners. Zoals Fatima Oudrib, inmiddels gediplomeerd schaakmoeder: ‘Ik doe het voor de kinderen. Ik vind het leuk om iets aan ze over te brengen.’